8.20.2012

Het is al over halfweg van het seizoen en inderdaad!... Het is er weer niet van gekomen om de in spanning gehouden bloglezers van het nodige leesvoer te voorzien. Gelukkig hebben jullie allemaal voldoende alternatieve media ter beschikking om de luie zomermaanden door te komen. Je moet maar eerst eens een dek proberen te leggen om te weten hoeveel tijd er dan nog overblijft om te bloggen. Ik zal het jullie zeggen: geen minuut! En ik kan het weten. Het laatste plankje aan de stuurboordkant heb ik op zaterdag 18 augustus 2012, om 10,25 uur op zijn plaats gebogen! En dat was meteen het einde van een toch wel iets te lang durende lijdensweg naar een nieuw dek voor de Q. Die is begonnen op 28 april en is dus nu pas, na bijna 4 maand (waarvan weliswaar het werkritme vanaf 1 juli danig naar beneden is gegaan wegens het chartergebeuren) min of meer tot een goed eind gekomen. Ik maak hier trouwens van de gelegenheid gebruik om al de medezeilers te danken die tijdens de voorbije weken ofwel aktief of passief (door gewoon te doen of er niet gewerkt werd) hebben meegeholpen om een en ander afgewerkt te krijgen! Dus Krsitof en Peggy en Piet en Hans en Dirk enz... bedankt voor hulp en het geduld. Het resultaat is zeer bevredigend, al zeg ik het zelf. Nu moet ik nog een beetje schuren en krabben (de overtollige lijmresten verwijderen) en dan nog zo’n 800 lopende meter voegen afkitten, maar dat lijkt allemaal maar een peulschil in vergelijking met het gedane knip- en plakwerk van de laatste 3 maanden.
Een tevreden schipper.....
..... en een tevreden zeilster!!! Ook de fameuze visgraat in het midden van het dek moet nog worden uitgesneden maar het laat er zich naar uitzien dat date en werkje wordt voor oktober. Ten slotte moet jullie schipper ook in het najaar nog iets te doen hebben om niet in een zwart gat te vallen (zie hiervoor een vorige bijdrage )
We liggen in Leros Marina te wachten op het bedaren van een nu al drie dagen durende Meltemi en straks hijsen we de zeiltjes richting Arch Angelo. Een klein onbewoond eilandje even ten noorden van Leros. En vanavond sterren kijken. (en ik af en toe eens naar mijn nieuw dek! Dat zal ik de volgende dagen nog niet kunnen laten…) Tot de volgende

6.10.2012

We schrijven 10 juni 2012! Nog 20 dagen te gaan vooraleer de eerste chartergasten aan boord komen. Het is met een boot net zoals met een huis: het belangrijkste en moeilijkste werk zie je niet, maar zonder dat kan je geen resultaat boeken. En dat is de situatie op dit moment op de Q. Mijn Griekse vrienden geloven mij niet dat binnen 3 weken de klus geklaard zal zijn en dat wij, relaxend op een gloednieuw teak dek, met de Q de Dodecanese golven zullen doorklieven! En niet alleen het dek is nieuw! Er is ook een hagelnieuw grootzeil (op komst), een nieuwe dinghy (in bestelling), een nieuwe hostess (nu nog in Zweden), een nieuw vaargebied (de Dodekanese) en een nieuw potlood! (om de plankskes af te tekenen voor het dek). Om maar te zeggen dat ik mij hier niet verveel op het glorieuze eiland Leros. Ik heb net het weerbericht voor de volgende week eens bekeken en wordt weer een problematische week: hoe kan ik mij verbergen voor de zon en toch verderwerken! Terwijl het ene wolkendek na het andere zich over noordwest Europa in slagorde opstelt om jullie te helpen vergeten dat het zomer is, is de zon hier overtuigend aanwezig om de Grieken een hart onder de riem te steken tijdens deze crisistijden. Want de zon kan je (gelukkig maar!) niet kopen of op de beurs laten noteren (voorlopig toch nog niet). Dus schijnt de rode bol als nooit tevoren hier boven mijn uitdunnende schedeldak en weet zich van geen crisis geen kwaad. Het is twee uur op zondagnamiddag en Leros hult zich vanaf nu tot een uur of vijf in de oorverdovende stilte van de middagsiesta. En weet je wat? Ik ga gewoon meedoen! Het commentaar bij de fotos stuur ik jullie een volgende keer. En eigenlijk is het gewoon: plankjes plakken. Maar het zijn er veel! Tot de volgende Gelukkig is er ook nog de middagpauze!

5.21.2012

Leros, 20 mei 2012. Het is zondag 20 mei en er moet weer eens geschreven worden want anders verliest iedereen de draad van de werkzaamheden. Ondertussen is de bakboordkant van de Q bijna helemaal klaar om met nieuwe teak bekleed te worden. Het voorbereidend werk heeft –eigenlijk wel voorspelbaar- veel meer tijd in beslag genomen dan ik voorzien had, waardoor de werkdagen noodgedwongen steeds langer worden om de deadline van 1 juli te halen. Om toch al een beetje creatief te zijn en eens iets "opbouwends" de doen na al dat afbreken heb ik al eens geoefend op de ankerbak. En dat is al goed gelukt al zeg ik het zelf.
Sinds een paar dagen heb ik hulp gekregen onder de vorm van mijn broer Frans en Lieve die mij ook 4 jaar geleden zijn bijgesprongen om de Q van Italie naar Griekenland te varen.
Een van de vertragende elementen bij de afbraak is het feit dat alle beslag aan dek moet verwijderd worden. En dus ook stukken van de plafondbekleding en kastjes binnenin. Maar de Grand Soleil 52 zit zo fenomenaal goed in elkaar dat een en ander weinig of geen problemen met zich brengt. Ter illustratie staan hieronder een paar fotos van de binnenkant van de Q zoals hij er nu uit ziet. De genuarails (twee aan bakboord en twee aan stuurboord) zijn aan dek geschroefd met in totaal 180 bouten, inclusief rondsel en moer. Ondertussen zijn er al 90 van verwijderd, dus zijn we al halfweg op dat vlak. En ook de andere obstakels ( 3 winches aan bakboord – 18 bouten -, de grootzeil-overloop -25 bouten, nog wat keerblokken en ander dekbeslag – nog eens een 30 tal bouten- ) zijn verwijderd en het wordt dus nu tijd om wat creatiever te zijn en aan de opbouw te beginnen. Vooraleer daar mee te kunnen starten moeten er wel eerst nog andere voorzorgen genomen worden die ook de nodige tijd en energie opslorpen. Hoewel het hier in Leros zelden regent gebeurt het af toe toch wel eens dat de Q een stortbui moet trotseren. En met een paar honderd gaten in het dek is dat een ietwat ongelijke strijd. Die gaten moeten dus allemaal tijdelijk dichtgemaakt of afgeplakt worden, om te vermijden dat het onderdeks in een zwembad verandert.
En het is natuurlijk best dat er niet teveel vergeten worden. Dat heb ik een paar dagen geleden ondervonden, rond een uur of twee ’s morgens. Het is dan immers plots beginnen regenen met als gevolg dat ik heel snel de vergeten gaatjes heb teruggevonden... Gelukkig heb ik voldoende potten en pannen aan boord die het binnendruppelende water konden opvangen. Met potten en pannen over en weer lopen om twee uur ’s nachts: een alternatieve bezigheid weggelegd voor zeilers en tentbewoners! En dan is het nu tijd voor wat inventieve arbeid. De grote hinderpaal bij het leggen van een dek is het buigen van de teakplanken. Voor lichte buigingen, zoals in de lengterichting van de romp, volstaat om om met voldoende spanklemmen en verankeringen te zorgen voor de benodigde bocht. Als de bochten echter korten worden, of in twee dimensies moeten verbogen worden is het een ander paar mouwen. Dan moet het hout eerst gestoomd worden om het flexibel genoeg te maken om te buigen. En dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Vandaag hebben we de eerste experimenten op dat vlak uitgeprobeerd en onze installatie zag er indrukwekkend uit in haar simpliciteit. Wij zijn met jeugdige overmoed aan de slag gegaan en de eerste resultaten waren heel veelbelovend.
Maar uiteindelijk bleek het allemaal niet zo simpel als we dachten. Het is nu zondagavond, tijd om mijn blog publieksklaar te maken en voorlopig hebben we al 3 (drie!) plankjes kunnen plooien om op de banken van de cockpit te leggen. 3 van de 11! Niet echt een sukses dus. Maar we geven niet op. Volgende zondag proberen we het opnieuw. Met enige technische verbeteringen aan ons ontwerp moet dat lukken. Dat denken we toch... Dus ik zou zeggen: stay tuned.

5.05.2012

Leros, Dodecanese, Griekenland

Beste bloglezers, Ik weet het, ik ben weeral hopeloos laat. Maar als jullie verder lezen zullen jullie (h)erkennen dat er een goede reden voor is. De trouwe bloglezers onder jullie (die van voor 2008 ….) weten misschien nog dat er in dat jaar een en ander gebeurd is met de goede oude Nidri waarmee ik gedurende 14 jaar heb rondgezwalpt. Die is in dat jaar immers ter ziele gegaan in een alles omvattende brand in Agios Kyriaki in Pileon, in de buurt van Volos. Dank zij wat sponsoring van een begrijpende (en daarom ook aanbevolen) verzekeringsmaatschappij Delta Lloyd, en wat over en weer gereis in Europa is dan de onvolprezen “Q” in mijn zeilcurriculum terecht gekomen. En daarvoor ben ik het lot nog altijd heel dankbaar. “Q” – Quattordici voor de nieuwe lezers – is een ongelooflijk luxeueus en snel schip met Italiaanse elegantie en stijl. Alleen was het dek van de “Q” aan zijn laatste levensjaren bezig en dus heb ik een paar maand geleden de beslissing genomen om er maar ineens een nieuw dek op te leggen. Als alles volgens de plannen verloopt zal een en ander tegen 1 juli in orde zijn en zullen de menigten toestromen om de nieuwe look van de “Q” te komen bewonderen.
de werkplek
Omdat ik een en ander zelf doe heeft mijn blog-aktiviteit de laatse maanden op een laag pitje gestaan (tell me something new), om mij volledig te wijden aan mijn nieuwe opdracht, die ondertussen al een paar weken geleden gestart is. Om een nieuw dek te leggen moet eerst het oude worden afgebroken. En dat is op zich al geen sinecure: De Italianen hebben een heel goede job gedaan met het verlijmen van het originele dek, met als gevolg dat elke vierkante cm met hamer en beitel moet worden losgekapt, zonder de onderliggende polyesterlaag te beschadigen.
brandhout maken...
Daarmee ben ik dus een goede week geleden gestart en het resultaat laat zich in bijgaande fotos samenvatten. Binnen een paar dagen kan ik beginnen met de wederopbouw. Te beginnen met de bakboordkant.
waar zijn de winches?
Al met al zou ik bijna vergeten dat het hier morgen in Griekenland verkiezingen zijn voor een nieuwe regering. Mocht ik het toevallig niet gehoord hebben van een Italiaan die bij mij op de werf staat zou ik het zelfs niet geweten hebben. Op Leros is van de hele verkiezingskoorts helemaal niets te zien. De enige massa-manifestatie die ik hier in Laki heb opgemerkt was het optreden van een … folkloristische groep dansers uit noorden van Griekenland die de zoveelste verjaardag van de exodus van Ethnische Grieken uit Turkije kwamen herdenken met een feestelijke dansavond. Om maar te zeggen dat niet alles wat er op de Vlaamse televisieschermen over Griekenland verschijnt schering en inslag is. Het is hier absoluut niet allemaal kommer en kwel. Maar daarover later meer. Want nu moet ik terug naar mijn dekwerkzaamheden. Tot de volgende

2.01.2012

Terug van weggeweest...


Trouwe bloglezers weten het ondertussen al: de schipper neemt het niet zo nauw met de timing als het gaat over publicaties op zijn blog…
Maar kom, we werken er aan. En ik moet toch ook wat rondrijden en varen om inspiratie op te doen om over te schrijven? Het winterse Blankenbergse nachtleven is mij te onbekend om er over te kunnen bloggen. Laat het ons dus maar gauw hebben over... de Carraiben!
Terwijl de Quattordici op zijn lauweren rust op het Egeische eiland Leros (overigens een supermooi eiland, maar daarover later meer), heeft ondergetekende tijdens de voorbije donkere wintermaanden de Caraibische zon opgezocht. Geen echt origineel idee maar wel plezant. Een en ander heeft te maken met Lola.
Dank zij Lola was ik daar immers niet alleen in de Carraiben !


LOLA

Lola, beste bloglezer, ik schrijf het hier snel vooraleer u allerlei –uiteraard verkeerde – veronderstellingen maakt, is een Beneteau First 42F7 (een modern zeiljacht van zo’n 13,5 meter lang) die/dat vorig jaar onder de deskundige leiding van zijn eigenaar, “den Dirk”, de Atlantische Oceaan is overgezeild tot in Martinique, en daar nu geduldig wacht tot zijn baasje eens tijd heeft om ook zelf eens onder de Caraibische zon te gaan liggen. Voorlopig is dat nog niet het geval, waardoor ik dus de gelegenheid had om met de Lola een paar zeiltochten te organiseren om en rond de Aan de Windse Eilanden.

De Aan de Windse eilanden (the Windward Islands) zijn de Caraibische eilanden in het zuidelijk gedeelte van de Caraibische Zee (van Trinidad tot, zeg maar Martinique).


DE KLEINE ANTILLEN


De Voor de Windse eilanden (the Leeward Islands) liggen meer noord – oostelijk in de Caraibische Zee, van Domenica tot Puerto Rico. Een en ander heeft te maken met de orientatie van die eilanden en de overwegende windrichting (de noord-oost passaat) die de zeilcondities bepaalt. Er is nogal wat spraakverwarring tussen de engelse en de nederlandstalige benamingen, maar laat ons die maar laten voor Wikipedia en aanverwanten. Ik heb nog wel iets anders te vertellen..


Zoals bijvoorbeeld hoe we het daar gesteld hebben in de eilandjes. Eigenlijk alles bij mekaar heel goed, hoewel het naar mijn gevoel zeker tijdens de laatste weken van december en begin januari toch redelijk hard heeft gewaaid en het aanbod van “squalls” boven het gemiddelde leek te liggen. Een “squall”? Een squall is een lokale, hevige en meestal dreigend uiziende regen- en windbui, die zich in een mum van tijd kan ontwikkelen en zich in zuid-westelijke richting over de Caraibische Zee verplaatst. En als zo’n bui je zeilroute kruist word je behoorlijk nat, en moet je ook op tijd de zeilen reven want anders kan er wel een en ander van de salontafel vallen onderdeks.


EEN SQUALL IN WORDING



Over Le Marin, de verzamelplaats voor alle Franse en aanverwante zeilers en would-be zeilers, catamaranvaarders, trambestuurders (geef toe, zo’n Lagoon 42 ziet er toch uit als tram 3, met net dezelfde ruitjes aan de voorkant...) ga ik niet te veel vertellen. Alleen dat je er heel goed (op zijn Frans) kan eten en drinken, ideaal proviand en drank kan inslaan, nog eens een echte warme douche kan nemen en dan.... er zo snel mogelijk van weg varen.
Toch nog even dit. Iedereen heeft het de laatste tijd over het zeilmeisje Laura Deckers. En die heeft inderdaad wel een mooie prestatie neergezet. Maar ik heb daar op de steigers van Le Marin een close encounter gehad met de Vlaamse versie ervan, namelijk Sigrid Greven, alias Lucky Bitch (da’s de naam van haar boot voor alle duidelijkheid).
Toen ik na mijn aankomst in Le Marin op zoek was naar de Lola liep ik haar pardoes tegen het lijf op de steiger. Zij was er net toegekomen na haar oversteek vanuit Portugal. Een verrassende ontmoeting. Want ik was een van de eerste Vlamingen die ze daar aan de wal tegenkwam. En net voor ze vertrok met haar Lucky Bitch uit Blankenberge in het voorjaar van 2011 had ik haar ook nog heel toevallig ontmoet: in de buurtwinkel in mijn straat! We hebben dus wat kunnen bijpraten en ik moet zeggen dat Sigrid toch al een en ander heeft meegemaakt op haar nog-niet-zo –lang-geleden-gestartte wereldreis. Als jullie er meer over willen weten ga dan eens naar http://www.luckybitch.be . En doe haar de groeten.


SIGRID ALIAS SKIPPER VAN LUCKY BITCH

Snel weg dus uit Le Marin. Onze kerst- en Nieuwjaarscharter bracht ons naar de eilanden St Lucia, Saint Vincent en Bequia. Veel “aan de wind” zeilen, nogal wat “squalls”, onderhandelen met de lokale boatboys over de prijs om een landlijn vast te knopen, wat mango’s en bananen kopen van de man-op-de-surfplank, en af en toe een rhum&coke.


VERS FRUIT IEMAND?


Zo kregen we de dagen al snel vol, en voor we het wisten was het nieuwjaar en lagen we voor anker in Elisabeth Harbour in Bequia.
Gelukkig hadden we in Le Marin onze voorraden ingeslagen want Bequia en omstreken liggen tijdens de feestdagen helemaal plat. Behalve natuurlijk de immigratie end douanediensten, want die werken tijdens die dagen met de glimlach verder. Het is dan immers overtime-time. En dat doet de kassa rinkelen.


VOOR ANKER IN BEQUIA



Maar niet getreurd, want het nieuwe jaar lonkte en we hadden een leuk lokaal restaurantje gevonden om ons oudejaarsavondmaal te verorberen en een stapje in de wondere carraibische nieuwjaarswereld te zetten. Dat was dan wel buiten het zwarte gat gerekend!
Ik verklaar: zo rond een uur of tien moest ik in het pikkedonker (a moonless night) zonodig een plasje gaan doen, en toen ik aan de overkant van de straat het strand wilde opstappen bleek daarniet een zwart weggetje te liggen maar wel een zwarte open rioolmond van zo’ n twee meter diep en onderaan voorzien van een laagje inhoud van hoogst onbetrouwbare bron, om het eufemistich uit te drukken. Ik dus daar pardoes ingevallen, rug bezeerd, elleboog verwond en quasi kopje onder in dat onaangename sop. Ik ben er wonder boven wonder betrekkelijkheelhuids uitgekomen maar voor mij was het nieuwjaarsfeest wel afgelopen op dat moment. Mijn bemanning heeft mij deskundig en plichtsbewust aan boord kunnen afleveren waar ik tijdens de eerste dag van het nieuwe jaar door de lokale en ambulante alternatievedokter Gabriel (what’s in a name) deskundig terug in elkaar werd gezet. Tot op dat moment had ik niet zo’n hoge pet op van wichelroedes en pendels en – in een adem door – homeopatie en krakers, maar het moet gezegd dat Gabriel hier toch wel een klein wonder heeft verricht. Daar waar ik me de eerste 24 uur na het zwarte gat –incident geen vinger kon bewegen, en de open wonde aan mijn elleboog er beslist niet apetijtelijk uit zag, bleek ik 24 uur na de behandeling van onze “dokter” al in staat om –weliswaar op handen en voeten – aan dek rond te kruipen, en bleek de elleboogwonde ook niet te zijn ontstoken in de derde graad. Het is ondertussen een maand geleden en er is van het hele avontuur geen fysiek spoor meer te bekennen. Maar nu is natuurlijk wel mijn geest in de war! Want moet ik nu echt geloven dat pendelen helpt???


HAPPY NEWYEAR!!!


In elk geval hebben we onze tocht op 2 januari kunnen verderzetten en zijn we zonder verder kleerscheuren en met enkele pitoreske overnachtingen onderweg in St Vincent en St Lucia terug tot in Martinique geraakt.


CUMBERLAND BAY OP SAINT VINCENT


Binnenkort is er weer Belgian Boat Show en ik hoop velen onder jullie te mogen begroeten op de stand van Nidri Yachting. Ik kan jullie daar dan de bewijzen van mijn wonderbaarlijke genezing in 3d laten zien, en ook een ouzootje en een olijfje aanbieden. Want deze zomer zeilen we terug in Griekenland met de Quattordici. Er wacht ons een nieuw zeilgebied: de zuidelijke cycladen. Die liggen ruwweg ten noorden van Kos en oostelijk van de Turkse kust.


KALYMNOS HARBOUR - GRIEKENLAND



Hoewel Kos natuurlijk heel bekend is onder de Griekenlandvaarders, zijn die eilanden daarboven dat heel wat minder. Het wordt dus een nieuwe ontdekkingsreis voor schipper en opvarenden. Leuke dingen voor de mensen.
Tot binnenkort


ZON EN ZEE...


Schipper Paul